Previous Next Facebook Instagram Twitter Pinterest Back to top
Zelfportret (studie voor 'Impressions d'Afrique' I)

Zelfportret (studie voor 'Impressions d'Afrique' I)

Salvador Dalí (in circa 1938)

Vraag maar raak

Laden...

Bedankt, je vraag is verzonden.

Helaas, er is iets mis gegaan met het verzenden van je vraag. Probeer het aub nog eens.

High-res beeldmateriaal aanvragen

Meer informatie

Specificaties

Titel Zelfportret (studie voor 'Impressions d'Afrique' I)
Materiaal en techniek Grafiet, penseel in zwarte inkt
Objectsoort
Tekening > Tweedimensionaal object > Kunstvoorwerp
Locatie Dit object is in het depot
Afmetingen Hoogte 631 mm
Breedte 480 mm
Makers Kunstenaar: Salvador Dalí
Inventarisnummer MB 1979/T 10 (PK)
Credits Aankoop met steun van / Purchase with the support of: Stichting Museum Boijmans Van Beuningen, Vereniging Rembrandt, Prins Bernhard Fonds, Erasmusstichting, Stichting Bevordering van Volkskracht Rotterdam 1979
Collectie Tekeningen & Prenten
Verwervingsdatum 1979
Leeftijd maker Circa 34 jaar
Verzamelaar Edward James
Gerechthebbenden © Salvador Dalí, Fundación Gala-Salvador Dalí , c/o Pictoright Amsterdam 2015
Tentoonstellingen Gek van surrealisme (2017)
Externe tentoonstellingen Surreal Encounters - Collecting the Marvellous (2016)
Dalí, Ernst, Miró, Magritte... (2016)
Dal nulla al sogno (2018)
Materiaal
Object
Geografische herkomst Spanje > Zuid-Europa > Europa

Auteur: Marijke Peyser

De titel van het schilderij Impressions d’Afrique is ontleend aan een roman van Raymond Roussel uit 1910. Zijn gedachtegoed staat hoog in het vaandel van de surrealisten. Ook Salvador Dalí bewondert de schrijver en zijn werk.[1] Roussels werkwijze en die van Dalí komen overeen: de schrijver creëert dubbele en meerduidige beelden in taal door gebruik te maken van homoniemen, terwijl de schilder voorstellingen uitbeeldt volgens zijn ‘paranoïde-kritische methode’.[2] Impressions d’Afrique toont Dalí werkend aan een schilderij waarvan de kijker slechts de achterkant ziet. Achter het hoofd van de schilder verschijnt het gezicht van Gala, zijn muze. Op dit doek zijn er dubbele beelden te over: Gala’s oogkassen vallen samen met de arcade van een gebouw. De omtrek van het lichaam van een priester is ook het hoofd van een ezel.[3] De toegang tot een grot stelt eveneens een boom voor. De lage takken van een den verbeelden ook een roofvogel. En dan zijn er nog de minuscule figuurtjes op de achtergrond van een vaderfiguur met zijn zoontje, een motief dat de schilder sinds zijn verbanning uit het ouderlijke huis in 1929 veelvuldig gebruikt.[4]

In dit schilderij zijn ook klassieke invloeden zichtbaar. In zijn autobiografie La vie secrète de Salvador Dalí (1952) beschrijft de kunstenaar zijn belangstelling voor het classicisme.[5] Voordat de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, verblijft hij driemaal langdurig in Italië en bewondert er het werk van de architecten Palladio en Bramante en schilderijen van Botticelli, Di Cosimo, Rafaël en Uccello.[6] Deze nieuwe oriëntatie is van toepassing op Impressions d’Afrique.[7] Zo raakt Dalí geïnspireerd door de techniek van de verkorting in het werk van onder andere Caravaggio. In Het avondmaal te Emmaus (1601) geeft Caravaggio met de gebaren van Jezus en de discipel Cleopas, die aan zijn linkerzijde zit, niet alleen de emoties weer die spelen in het Bijbelverhaal. Belangrijker is het feit dat de armen van beiden, doordat de kunstenaar ze verkort heeft weergegeven, de toeschouwer als het ware bij de voorstelling betrekken. Dalí herhaalt een soortgelijk gebaar op Impressions d’Afrique. Hij onderzoekt deze verkorte verbeelding tevens specifiek in de twee voorstudies (Zelfportret (studie voor 'Impressions d'Afrique' I) en Zelfportret (studie voor 'Impressions d'Afrique' II)).

Een tweede aanknopingspunt met de klassieke schilderkunst is Las meninas (1656) van de Spaanse Diego Velázquez. Net als Velázquez heeft Dalí zichzelf al schilderend weergegeven en zien we enkel de achterkant van het doek. Op het zeventiende-eeuwse schilderij worden de gestalten van koning Philips IV en zijn tweede echtgenote Maria Anna van Oostenrijk weergegeven in een spiegel aan de achterwand van het vertrek. Hierdoor bevindt de beschouwer zich op dezelfde plaats als de koninklijke vorsten en kijkt op die manier niet alleen met hen mee maar wordt zelf onderdeel van het tafereel. Dit doek is de ultieme prestatie van de hofschilder van Philips IV die zich op een zelfbewuste wijze tot doel stelt te laten zien waartoe de schilderkunst in staat is. Het klassieke principe van ‘imitatie’ en ‘emulatie’ – het nabootsen van grote voorgangers en vervolgens trachten hen te overstijgen – is in de twintigste eeuw ook van toepassing op Dalí.

 

Noten

[1] Éluard 1984, p. 162.

[2] Homoniemen zijn woorden die er op schrift hetzelfde uitzien maar verschillende betekenissen hebben. Voor meer over Dalí’s paranoïde-kritische methode, zie p. 79.

[3] Dit is een verwijzing naar de antiklerikale gevoelens van Dalí en Buñuel. In de film Un chien andalou, die zij in 1929 maken, komt die houding duidelijk naar voren.

[4] Zie bijvoorbeeld Dalí enfant avec son père (1971), afgebeeld in Descharnes/Néret, 2005, p. 587. Voor meer over zijn verbanning uit het ouderlijk huis, zie p. 99.

[5] Dalí 1952, pp. 390-391.

[6] Soby 1969, pp. 21-22.

[7] Idem, p. 23.

Toon catalogustekst Verberg catalogustekst

Alles over de maker

Salvador Dalí

Figueras 1904 - Figueras 1989

Salvador Dalí leerde tijdens zijn studie in Madrid de schrijver André Breton kennen, de grondlegger van de surrealistische beweging. In 1924 schreef Breton...

Bekijk het volledige profiel