Previous Next Facebook Instagram Twitter Pinterest Back to top
t/m 26 april 2015

Vroege Nederlandse tekeningen, deel 2 - Van Bosch tot Bloemaert

Museum Boijmans Van Beuningen bezit een van de belangrijkste verzamelingen vroege Nederlandse tekeningen in de wereld. Een selectie van in totaal ongeveer 140 van de 400 tekeningen werd getoond in de galerij van het prentenkabinet, verdeeld over drie periodes van elk drie maanden.

De tekeningen zijn gemaakt door Hollandse en Vlaamse kunstenaars geboren voor 1581. Een groot deel is afkomstig uit de verzamelingen van Frans Boijmans (verworven in 1847) en Franz Koenigs (verworven in 1940). Verschillende tekeningen zijn in de afgelopen decennia aangekocht, twee zelfs zeer recent.

Alle 400 vroege Nederlandse tekeningen zijn gepubliceerd in een wetenschappelijke bestandscatalogus die online toegankelijk is op de museumwebsite. Ruim 140 daarvan waren geselecteerd voor de tentoonstelling 'Bosch to Bloemaert. Early Netherlandish Drawings' in Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam, die in het voorjaar van 2014 te zien was in de Fondation Custodia in Parijs en die nu ook ‘in eigen huis’ wordt getoond. In 2017 is de tentoonstelling ook te zien in de National Gallery of Art in Washington.

 

Elk van de drie delen van de tentoonstelling was een min of meer chronologische presentatie van tekeningen van bekende kunstenaars als Pieter Bruegel, Hans Bol, Hendrick Goltzius, Jacques de Gheyn en Abraham Bloemaert, maar ook van minder bekende. Twee zeldzame tekeningen van Jheronimus Bosch waren te zien in de eerste twee delen. De uiteenlopende genres, zoals landschappen, portretten, Bijbelse scènes, historische en mythologische voorstellingen, waren in elk deel vertegenwoordigd. Zo ook de functies van tekeningen, van voorbereidende studies voor schilderijen en ontwerpen voor prenten tot zelfstandige kunstwerken, gemaakt voor verzamelaars.

Vroegste werk van Bosch

In dit deel werd onder meer ‘Spinster en oude vrouw’ getoond. Deze tekening wordt beschouwd als de vroegste die van Jheronimus Bosch bewaard is gebleven. Het oude, mogelijk 16de-eeuwse opschrift ‘bosch’ linksonder bewijst dat deze kunstenaar al sinds eeuwen als maker gezien wordt. Dit blad werd dubbelzijdig getoond, want op de achterzijde heeft de kunstenaar ook een tekening gemaakt, van een vos en een haan. Van Pieter Coecke van Aelst was de tekening van een herbergtafereel met bordspel te zien, die net terug was van de grote monografische tentoonstelling in het Metropolitan Museum of Art in New York.

Uitzonderlijke series

Ook toonde het museum wederom tekeningen uit series van Hans Bol, Karel van Mander, Pieter Bruegel, Maarten van Heemskerck en Johannes Stradanus. Het is uitzonderlijk dat een samenhangende reeks 16de-eeuwse tekeningen compleet bewaard is gebleven. Dit is het geval met de serie ‘De twaalf maanden’ van Hans Bol. De twaalf maanden zijn herkenbaar aan de tekens van de dierenriem en de bezigheden die typerend zijn voor die tijd van het jaar. In dit deel werden de drie maanden van de tentoonstellingsperiode getoond: februari, maart en april.

Sommige tekeningen zijn ‘in prent gebracht’, ofwel door de tekenaar zelf of door een gespecialiseerde graveur. Een daarvan is een tekening van Pieter de Jode, waarvan de door Nicolaes Rijckmans gegraveerde prent eind 2014 door het museum is verworven, zodat hij nu als toegift bij de tekening kon worden getoond.