Previous Next Facebook Instagram Twitter Pinterest Back to top

Spaces of Display: pop-upontwerp door studenten TU Delft

Door: Els Hoek (conservator educatie) en In├Ęz Veldman (onderwijsmedewerker)

‘Bedenk een ontwerp voor een pop-uptentoonstelling met de Boijmans-collectie, je mag zelf collectiestukken selecteren.’ Veertig bouwkundestudenten van de Technische Universiteit Delft (Leerstoel Interiors, Buildings, Cities) bogen zich acht weken lang weken over deze opdracht met interessante ontwerpen als resultaat.

 

Voor de opdracht is een bestaand pand in de Witte de Withstraat (Rotterdam) als uitgangspunt gebruikt. Het gebouw bevindt zich tegenover restaurant Bazar, waarbij de studenten (denkbeeldig) de begane grond en de kelderverdieping tot hun beschikking hebben. De ruimte is gebaseerd op een raster van vierkanten die zijn gemarkeerd met pilaren. Alle studenten presenteerden hun plan aan de hand van twee posters, een mood cube, schetsmaquette (klein), materialenstudie, presentatieboek en uitgewerkte maquette van twee verdiepingen. Daarbij hebben ze allemaal een logboek bijgehouden zodat hun ideevorming kan worden gevolgd.

De architect, tentoonstellingsmaker en kunstenaar

Wij hebben anderhalf uur om alle ontwerpen te bekijken en er ons een globaal idee over te vormen. De eerste indruk is overweldigend: er is ontzettend hard gewerkt in de afgelopen acht weken. Daarbij valt ook meteen op dat er grote verschillen zijn in de manier waarop de studenten de opdracht hebben opgepakt. De een is vooral als een architect aan de slag gegaan, met in het achterhoofd een algemeen idee over Boijmans als museum of een bepaald aspect van de collectie. De ander heeft de collectie juist uitgebreid bestudeerd en als vertrekpunt gebruikt voor het ontwerp. Sommige studenten zijn als tentoonstellingsmaker aan de slag gegaan en hebben een tentoonstellingsconcept bedacht waarvoor ze de beschikbare ruimte hebben aangepast. Weer anderen pakten de stoel van de kunstenaar en hebben zowel de ruimte als de kunst ingezet om uitdrukking te geven aan een eigen visie.

De architect, tentoonstellingsmaker en kunstenaar

Van white cube tot huiskamer

Voor meerdere studenten is de omvang en diversiteit van de collectie het uitgangspunt geweest voor een ontwerp. Er is vooral nagedacht op het niveau van architectuur en probleemoplossing. Qua concept zijn ze degelijk maar voor ons niet opvallend. Zo is onder de tentoonstellingsmakers een aantal studenten dat een heldere keuze heeft gemaakt, met een klassiek pop-upmuseum als resultaat. Er is een stemmige presentatie met de bekendste stukken van de collectie oude kunst, vergelijkbaar met de pop-up van het Rijksmuseum op Schiphol, een modernistische variant met kunst van Wassily Kandinsky, Oskar Kokoschka etc. en een met minimal art, waarbij de ruimte niet stemmig is, maar juist een white box.

Andere thema’s die aan bod komen zijn stoelen, een solo van Jean-Michel Basquiat, street art, het materiaal hout (met een tijdlijn eindigend in de niet-houten boom van Joep van Lieshout) en het naakt. Bij dit laatste thema wil de student levende kunstenaars de gelegenheid geven om in de tentoonstelling naar model te werken. Een student heeft de grote Boijmans verzamelaars als uitgangspunt genomen voor een tentoonstelling met huiskamers waarin kunstwerken staan of hangen.

Van white cube tot huiskamer

Omgevingsfactoren

Opvallend is dat meerdere studenten zich hebben bezig gehouden met de perceptie van kunst en de invloed van omgevingsfactoren op de waarneming. Een van deze concepten is in hoge mate educatief en interactief: de bezoeker kan zelf de gekleurde achtergrond waartegen het werk wordt gezien veranderen. Deze student heeft ook goed nagedacht over het begrip pop-upmuseum en qua materiaalgebruik en constructie ingecalculeerd dat de locatie tijdelijk is. De hele presentatie kan gemakkelijk worden afgebroken en elders opnieuw opgebouwd. Een andere student heeft zich specifiek gericht op de kwetsbaarheid van kunst en een ontwerp gemaakt waarbij bezoekers automatisch op gepaste afstand van de werken blijven. Een aantal studenten heeft speciale aandacht besteed aan licht, bijvoorbeeld vanwege het nachtleven in de Witte de Withstraat. Weer een ander zocht aansluiting bij de straat door de pop-uppresentatie ‘s nachts open te houden en bezoekers van bars en restaurants bonnen voor gratis entree te geven.

Omgevingsfactoren

Een Boijmans-ervaring

Twee projecten vonden we uitermate inspirerend in verband met onze transitieperiode. Het eerste is Boijmans Young Club, met een bijzondere architectuur waarbij alle harde rechte hoeken in het gebouw zijn verzacht met gebogen half transparante wanden, en de twee verdiepingen tot een aantal verticale schachten samen zijn getrokken. In het concept is het museum als tentoonstellingsruimte getransformeerd tot een verblijfplaats waar je je als bezoeker op kunt laden in een videoruimte, een contemplatieruimte of door interactie met een kunstenaar. Als inhoudelijke inspiratiebron diende het werk van Pipilotti Rist, maar het ontwerp van de studente getuigt van een geheel eigen sfeer en beeldtaal.

Ook Boijmans Utopia heeft de combinatie van een sterk architecturaal beeld met een inhoudelijk interessant concept. In dit geval is het uitgangspunt transitie naar een nieuwe fase (de toekomst), waardoor het gebouw is uitgebouwd naar de straat met een steigerachtige constructie, terwijl binnen een tentoonstelling te zien is met toekomstbeelden uit alle tijden en in diverse media. Interessant is bovendien dat fragmenten van de steigerconstructie ook elders in de stad zijn geplaatst om de weg te wijzen naar het Boijmans pop-upmuseum.

Een Boijmans-ervaring

In transitie

Twee projecten vonden we uitermate inspirerend in verband met onze transitieperiode. Het eerste is Boijmans Young Club, met een bijzonder architectuur waarbij alle harde rechte hoeken in het gebouw zijn verzacht met gebogen half transparante wanden, en de twee verdiepingen tot een aantal verticale schachten samen zijn getrokken. In het concept is het museum als tentoonstellingsruimte getransformeerd tot een verblijfplaats waar je je als bezoeker op diverse manieren op kunt laden: er is een videoruimte, contemplatieruimte, interactie met een kunstenaar. Als inhoudelijke inspiratiebron diende het werk van Pipilotti Rist, maar de eindresultaten van de studenten getuigen van een geheel eigen sfeer en beeldtaal.

Ook Boijmans Utopia heeft de combinatie van een sterk architecturaal beeld met een inhoudelijk interessant concept. In dit geval is het uitgangspunt transitie naar een nieuwe fase (de toekomst), waardoor het gebouw is uitgebouwd naar de straat met een steigerachtige constructie, terwijl binnen een tentoonstelling is samengesteld uit een verzameling stukken die toekomstbeelden uit alle tijden laten zien in diverse media. Interessant is bovendien dat fragmenten van de steigerconstructie ook elders in de stad zijn geplaatst om de weg naar de pop-upruimte van Boijmans aan te geven.

Al met al was het een zeer inspirerend project dat zowel de studenten als het museum leerzaam was en een aantal nuttige, nieuwe inzichten heeft geboden.

In transitie