Previous Next Facebook Instagram Twitter Pinterest Back to top
Radio Concerts (Radioconcerten)

Radio Concerts (Radioconcerten)

Francis Picabia (in circa 1921)

Vraag maar raak

Laden...

Bedankt, je vraag is verzonden.

Helaas, er is iets mis gegaan met het verzenden van je vraag. Probeer het aub nog eens.

High-res beeldmateriaal aanvragen

Meer informatie

Specificaties

Titel Radio Concerts (Radioconcerten)
Materiaal en techniek Aquarel op papier
Objectsoort
Tekening > Tweedimensionaal object > Kunstvoorwerp
Locatie Dit object is in het depot
Afmetingen Hoogte 720 mm
Breedte 590 mm
Makers Kunstenaar: Francis Picabia
Inventarisnummer 3403 (MK)
Credits Aankoop / Purchase: Stichting Fonds Willem van Rede 1997
Collectie Moderne Kunst
Verwervingsdatum 1996
Leeftijd maker Circa 42 jaar
Verzamelaar W. van Rede
Tentoonstellingen Collectie - surrealisme (2017)
Surrealism and Beyond (2016)
Externe tentoonstellingen De Stijl. Het Europese vervolg. Kunst design en architectuur 1917-1931 (2009)
Dal nulla al sogno (2018)
Materiaal
Object
Techniek
Aquarel > Schildertechniek > Techniek > Materiaal en techniek
Geografische herkomst Frankrijk > West-Europa > Europa

Auteur Marijke Peyser

Francis Picabia oogst tijdens zijn loopbaan zowel bewondering als kritiek. Hij is in de jaren tien en twintig een van de belangrijkste dadakunstenaars in Parijs, bevriend met Marcel Duchamp en Man Ray, maar maakt ook pseudo-classicistisch werk van bijvoorbeeld Spaanse vrouwen en zogenaamde transparencies. Zijn stilistisch eclectisisme verbaast zijn critici.[1] Picabia reist net als Duchamp een aantal keer naar New York en woont in 1913 de roemruchte Armory Show bij. In 1922 ontwerpt hij voor André Bretons tijdschrift Littérature een aantal omslagen.

Op 30 oktober 1922 reizen Picabia en Breton vergezeld van hun partners per auto naar Barcelona voor de opening van de tentoonstelling Francis Picabia op 18 november in Galerie Dalmau. Hier wordt een vijftigtal recente werken van de schilder geëxposeerd.[2] De avond voor de opening houdt Breton een lezing getiteld ‘Le caractère de l’évolution moderne et ce qui en participe, waarin hij onder meer de huidige situatie rondom de dadabeweging schetst.[3] De dadabeweging is op dat moment over zijn hoogtepunt heen en diverse dadakunstenaars ontwikkelen zich in de richting van het surrealisme, waaronder Picabia. Breton schrijft het lovende voorwoord voor de tentoonstellingscatalogus. Hij benadrukt het feit dat de werken ‘zeer recent’ zijn en de titels ‘noodzakelijke toevoegingen’.[4] De tentoonstelling is echter geen succes: er wordt niets verkocht en er verschijnt slechts één positieve recensie in de Spaanse pers.[5] De tentoongestelde werken, waaronder Radio Concerts, zijn met hun cirkels, vierkanten, lijnen en driehoeken kenmerkend voor de late (dada)-machine stijl. De titels Hache-paille (1922), Totalisateur (1922) of Décaveuse (1923) verwijzen respectievelijk naar een machine die stro snijdt, naar apparatuur die bij paardenraces gebruikt wordt en naar graafwerkzaamheden.[6] Vrijwel al Picabia’s machine-stijl of ‘mecanomorfe’ werken uit 1922 hebben een herleidbare bron, namelijk afbeeldingen uit het populair-wetenschappelijke tijdschrift La science et la vie.[7] Radio Concerts verwijst naar een radiotoestel.       

In januari 1915, presenteert Picabia voor het eerst mecanomorfe werken in Alfred Stieglitz’s galerie The Little Galleries of the Photo Secession – beter bekend als ‘291’, naar het huisnummer aan Fifth Avenue, New York. Net als Duchamp raakt Picabia geïnspireerd door de technologische ontwikkelingen in Amerika en gebruikt hij machines of onderdelen daarvan als metaforen voor de moderne menselijke geest. In het portret Ici, c’est ici Stieglitz (1915) verbeeldt Picabia de fotograaf en kunsthandelaar als een kapotte bellows camera. Het woord ‘ideal’ slaat op Stieglitz’s vooruitstrevende, maar hachelijke onderneming de moderne kunst en fotografie als serieuze kunstvorm in Amerika te introduceren.[8] De werken die ontstaan tijdens Picabia’s tweede ‘machine-stijl’ periode (1921-1922) gaan verder in hun abstractie en stilering. Via tijdschriften, tentoonstellingen en contactpersonen, met name de voormannen van De Stijl, Theo van Doesburg en Piet Mondriaan, ziet en hoort Picabia over de non-figuratieve kunst van constructivistische kunstenaars als Kazimir Malevich, El Lissitzky en Làszló Moholy-Nagy.[9] Radio Concerts, dat in zijn abstractie parallellen oproept met deze kunstenaars, stamt uit die periode.

Noten

[1] Hamburg/Rotterdam 1997-1998, p. 7.

[2] Borràs 1985, pp. 245-246; Baker 2007, p. 216.

[3] Camfield 1979, p. 176 en p. 184, noot 6. Borràs 1985, p. 236, vergelijkt de lezing met een dubbel requiem: ‘for the Paris Congres and for Dada’.

[4] Boulbès 1998, p. 61.

[5] Baker 2007, p. 432, noot 24.

[6] Camfield 1979, afb. 213, 214 en 215.

[7] Zie Baker 2007, p. 222 voor Picabia’s Cellar with Wine-Press (1922) en de afbeelding uit La science et la vie 45 (juni-juli 1919), p. 106, die Picabia geïnspireerd heeft voor dit werk.

[8] Zie http://www.metmuseum.org/toah/works-of-art/49.70.14/ (geraadpleegd 29 december 2016).

[9] Camfield 1979, p. 191, noot 22: Theo van Doesburg komt in 1920 in contact met Picabia. Baker, 2007, p. 218: Picabia heeft Mondriaans werk gezien tijdens tentoonstellingen in Parijs.

Toon catalogustekst Verberg catalogustekst

Alles over de maker

Francis Picabia

Parijs 1879 - Parijs 1953

Vroeg in zijn carrière was Francis Picabia een succesvolle impressionistische landschapschilder. Na geëxperimenteerd te hebben met verschillende stijlen had...

Bekijk het volledige profiel