Previous Next Facebook Instagram Twitter Pinterest Back to top

Persaandacht rondom Zilveren Opening Depot

Depot Boijmans Van Beuningen komt zeer regelmatig voorbij in de regionale, nationale én internationale media. Op deze pagina een selectie uit de vele honderden mooiste artikelen.

Cijfers op een rijtje

De eerste artikelen over het depot werden al tien jaar geleden geschreven. Sindsdien zijn er vele honderden artikelen verschenen in de wereldwijde media. Het meest recente event rondom het spiegelde kunstdepot in het Rotterdamse Museumpark, was de Zilveren Opening in het laatste weekend van september 2020. Deze opening van het lege gebouw werd door ruim 7500 mensen bezocht. Alle beschikbare gratis tickets waren binnen drie uur vergeven aan fans - van piepjong tot oud - die het gebouw van binnen wilden zien. Tijdens deze opening melden zich meer dan 3500 mensen aan voor de nieuwsbrief van Boijmans. De 3000 speciale Susan Bijl depot-tassen waren binnnen no-time uitverkocht en ook honderden depot-puzzels, collectieboeken en Boijmans agenda’s vlogen weg. Er werden 12 spiegels geadopteerd en tientallen nieuwe museumvrienden gemaakt. De verschillende video’s werden duizenden keren bekeken en honderdduizenden mensen werden bereikt via social mediakanalen van het museum. Het aantal items in de geschreven pers en op radio en tv in de maand september over het depot liep op naar driehonderd met een nationale mediawaarde van bijna 400.000 euro. De perspreview werd niet alleen op locatie drukbezocht, ook waren er 50 Chinese journalisten via een Zoom-conferentie aanwezig en was de Turkse media vertegenwoordigd middels een Turks/Engelstalige nieuwsshow. Op naar de Gouden Opening. Blijf je ons volgen?

Het aantal items in de geschreven pers en op radio en tv in de maand september over het depot liep op naar driehonderd met een nationale mediawaarde van bijna 400.000 euro.

Foto's: Aad Hoogendoorn.
Foto's: Aad Hoogendoorn.

Er werden 12 spiegels geadopteerd en tientallen nieuwe museumvrienden gemaakt.

Foto's: Aad Hoogendoorn.
Foto's: Aad Hoogendoorn.