Previous Next Facebook Instagram Twitter Pinterest Back to top
Sous les résédas (Onder de reseda’s)

Sous les résédas (Onder de reseda’s)

Meret Oppenheim (in 1955)

Vraag maar raak

Laden...

Bedankt, je vraag is verzonden.

Helaas, er is iets mis gegaan met het verzenden van je vraag. Probeer het aub nog eens.

High-res beeldmateriaal aanvragen

Meer informatie

De kunstenaar Meret Oppenheim was bevriend met vele van de bekendste surrealisten, die haar bizarre vondsten zeer waardeerden. Beroemd werden de kop en schotel, die zij in bont verpakte en tentoonstelde als ‘het ontbijt in bont’. Zij had echter ook nog een heel andere kant, zoals blijkt uit dit poëtische schilderijtje uit 1955, dat ontstond na een afwezigheid van jaren uit de wereld van de kunst. , In het museum was enige tijd geleden Vreemde dingen: Surrealisme en design te zien, een tentoonstelling die de invloed toont van het surrealisme op mode, architectuur en vormgeving. Van de aanvankelijk als schilder actieve Duits-Zwitserse kunstenares Méret Oppenheim worden objecten en foto's geëxposeerd. Oppenheim woont van 1932 tot 1939 in Parijs en sluit zich aan bij de surreële beweging. Man Ray fotografeert haar, naakt en met inkt besmeurd, voor het tijdschrift Minotaure. Halverwege de jaren dertig maakt Méret Oppenheim een armband en een theekopje bekleed met het bont van Chinese Antilope, toen en nog steeds iconen van het surrealisme. Op de Rotterdamse expositie is ook een tafel met een onderstel van vogelpoten te zien, enkele schoenobjecten en een paar sierlijke, rooddooraderde handschoenen. Na haar vertrek uit Parijs raakt Méret Oppenheim in een artistieke crisis. Pas als ze halverwege de jaren 50 wordt gevraagd decors en kostuums te ontwerpen voor een toneelstuk van Picasso komt haar inspiratie terug. Ze huurt opnieuw een atelier en schildert dit werk waarop een aantal fantasiediertjes dat zich vermaakt onder een Reseda plant te zien is. Het is een hoogst merkwaardig tafereel dat met gretigheid en plezier is geschilderd. Het schilderij blijft haar leven lang in eigen bezit. Het museum verwerft het begin 2010 van de erven als een welkome aanvulling op de surreële verzameling. En als tastbaar bewijs dat de surreële mentaliteit met het uiteenvallen van de groep rond André Breton, niet teloor ging.

Lees verder Lees minder

Collectieboek

Collectieboek Bestellen

Specificaties

Titel Sous les résédas (Onder de reseda’s)
Materiaal en techniek Olieverf op hardboard
Objectsoort
Schilderij > Schildering > Tweedimensionaal object > Kunstvoorwerp
Locatie Dit object is in het depot
Afmetingen Hoogte 48 cm
Breedte 69 cm
Makers Kunstenaar: Meret Oppenheim
Inventarisnummer 3623 (MK)
Credits Aankoop met steun van / Purchase with support of: BankGiro Loterij 2010
Collectie Moderne Kunst
Verwervingsdatum 2010
Leeftijd maker Circa 42 jaar
Tentoonstellingen De Collectie Verrijkt (2011)
Collectie - surrealisme (2017)
Materiaal
Object

Let op: De gegevens van dit object zijn nog niet gecontroleerd.
Neem contact op met een conservator als iets niet lijkt te kloppen.

Auteur: Marijke Peyser

In 1932 reist de Zwitserse kunstenaar Meret Oppenheim naar Parijs om korte tijd een opleiding te volgen aan de Académie de la Grande Chaumière, een alternatief voor de kostbaardere Académie des Beaux-Arts. In Parijs leert ze Alberto Giacometti en Jean (Hans) Arp kennen en al spoedig wordt ze opgenomen in surrealistische kringen. Haar werk is te zien op tentoonstellingen in Londen en New York naast dat van Paul Klee, Pablo Picasso, Francis Picabia, Marcel Duchamp en Giorgio de Chirico.[1] Oppenheims grote doorbraak komt tijdens de eerste tentoonstelling gewijd aan surrealistische objecten die André Breton in 1936 organiseert bij de Parijse Galerie Charles Ratton. Haar met bont beklede kop en schotel die ze voor deze gelegenheid maakte, veroorzaakt een sensatie. Breton geeft het voorwerp de titel Déjeuner en fourrure, een verwijzing naar het bekende schilderij Déjeuner sur l’herbe (1862) van Édouard Manet, dat een schandaal veroorzaakte vanwege de erotische implicaties van een naakte vrouw die luncht in het gezelschap van twee geklede heren.[2] Direct na de Parijse tentoonstelling koopt Alfred H. Barr Jr., de eerste directeur van het Museum of Modern Art in New York, het object aan voor zijn museum. Barr heeft verwoord waarom de met bont beklede kop en schotel zo tot de verbeelding spreekt: ‘Evenals Lautréamonts vermaarde woorden [zie Illustraties bij 'De gezangen van Maldoror'], maakt het theesetje de meest extreme, meest bizarre onwaarschijnlijkheid, werkelijkheid. De spanning en opwinding die uitgaan van dit voorwerp hebben woede, blijdschap, walging of genot veroorzaakt bij tienduizenden Amerikanen’.[3]

Het schilderij Sous les résédas ontstaat in 1955 als Oppenheim, na zich wegens een depressie decennialang te hebben teruggetrokken uit de kunstwereld, weer werk begint te maken. Hoewel de beeltenis niet direct surrealistisch aandoet, doet de titel dat wel. Deze verwijst zonder omwegen naar Les chants de Maldoror (1868-1869), het cultboek van de surrealisten, geschreven door de Comte de Lautréamont (pseudoniem van Isidore Ducasse, zie Illustraties bij 'De gezangen van Maldoror'). In de eerste stanza van het tweede gezang stelt de auteur dat hij de ware natuur van de mens heeft ontmaskerd: ‘Altijd heeft hij geloofd – terwijl zijn oogleden zwichtten onder de reseda’s der bescheidenheid – dat hij slechts goede eigenschappen heeft en amper slechte’.[4] Naar aanleiding van het schilderij schrijft Benjamin Péret op 12 april 1956 een gelijknamig gedicht en draagt dat aan haar op.[5] Met behulp van metaforen beschrijft Péret het altijd al aanwezige talent van de kunstenaar en de ‘wedergeboorte’ uit haar artistieke crisis. Hij roept op om te kijken naar de resedaplant en te ontdekken dat een heftig maar tegelijkertijd bescheiden briesje de plant beroert: ‘Meret beheerst de snelheid en kracht ervan / Niets staat de groei van de plant in de weg / Een aarzelende gouden gloed verschijnt die gegroet wordt door de eerste, nog onzichtbare, vogel. Die vogel is Meret.’[6]

Renilde Hammacher-Van den Brande, conservator moderne kunst in Museum Boijmans Van Beuningen, schrijft Oppenheim in 1977. Ze ziet het ontbreken van een werk van Oppenheim als een groot gemis in de collectie surrealisme en hoopt dat de nieuwe directeur er budget voor bijeen kan brengen.[7] Het duurt echter tot 2010 voordat Museum Boijmans Van Beuningen Sous les résédas kan verwerven.

Noten

[1] New York/Chicago/Miami Beach/Omaha 1996-1997. pp. 24-25.

[2] Wenen/Berlijn 2013, p. 17.

[3] Barr 1937, p. 4.

[4] Zie Nesselroth 1969, p. 103.

[5] Péret was één van de steunpilaren van de surrealisische beweging en door de jaren heen een trouwe discipel van André Breton. Een kopie van het gedicht met datering van de opdracht bevindt zich in archief MBVB, objectmap Meret Oppenheim, Sous les résédas.

[6] Ibid.

[7] Idem, brief Hammacher-Van den Brande aan Oppenheim, 27 december 1977.

Toon catalogustekst Verberg catalogustekst

Alles over de maker

Meret Oppenheim

Berlijn 1913 - Basel 1985

Bekijk het volledige profiel