Previous Next Facebook Instagram Twitter Pinterest Back to top
Illustraties bij 'De gezangen van Maldoror'

Illustraties bij 'De gezangen van Maldoror'

Salvador Dalí (in 1934 (1952))

Vraag maar raak

Laden...

Bedankt, je vraag is verzonden.

Helaas, er is iets mis gegaan met het verzenden van je vraag. Probeer het aub nog eens.

High-res beeldmateriaal aanvragen

Meer informatie

Specificaties

Titel Illustraties bij 'De gezangen van Maldoror'
Materiaal en techniek Leer, perkament, karton, papier, boekdruk, drogenaald en heliogravure op papier
Objectsoort
Prent > Tweedimensionaal object > Kunstvoorwerp
Locatie Dit object is in het depot
Afmetingen Hoogte 34 cm
Breedte 27 cm
Diepte 7 cm
Makers Boekbandontwerper: Rose Adler
Kunstenaar: Salvador Dalí
Inventarisnummer BRL 1999-01 1-45 (PK)
Credits Aankoop / Purchase: Stichting Fonds Willem van Rede 1999
Collectie Tekeningen & Prenten
Verwervingsdatum 1999
Leeftijd maker Circa 30 jaar
Verzamelaar W. van Rede
Gerechthebbenden © Salvador Dalí, Fundación Gala-Salvador Dalí , c/o Pictoright Amsterdam 2015
Tentoonstellingen Een paraplu, een naaimachine en een ontleedtafel. Surrealisme à la Dalí in Rotterdam. (2013)
Externe tentoonstellingen Dal nulla al sogno (2018)
Materiaal
Object
Techniek
Boekdruk > Manueel > Hoogdruktechniek > Druktechniek > Techniek > Materiaal en techniek
Heliogravure > Machinaal (diepdruk) > Diepdruktechniek > Druktechniek > Techniek > Materiaal en techniek
Drogenaald > Gravure > Gegraveerd > Manueel > Diepdruktechniek > Druktechniek > Techniek > Materiaal en techniek

Auteur Marijke Peyser

Begin 1933 weet de nog onbekende en straatarme Salvador Dalí zich gesteund door het zogeheten Zodiaque-mecenaat: een groep van twaalf kunstliefhebbers die het hem mogelijk maakt als onafhankelijk kunstenaar te werken dankzij een maandelijkse financiële toelage.[1] Zijn mecenassen, vertegenwoordigers van de hoogste Franse adel, intellectuelen en welgestelde buitenlandse amateurkunstenaars, nemen Dalí en zijn muze Gala op in hun milieu en stellen hen hun netwerken ter beschikking. Op 28 januari 1933 schrijft Dalí in een enthousiaste brief aan één van zijn begunstigers, de burggraaf Charles de Noailles, dat hij van de uitgever Albert Skira de opdracht heeft gekregen om het hallucinaire, gewelddadige boek Les chants de Maldoror (1868-1869) te illustreren. Dit prozawerk van de Comte de Lautréamont (pseudoniem van Isidore Ducasse) werd aan het begin van de twintigste eeuw herontdekt door de surrealisten.

Dalí’s illustraties van Les chants de Maldoror worden van 13 tot 25 juni 1934 tentoongesteld in de Parijse boekhandel Quatre Chemins.[2] De tentoonstellingscatalogus wordt ingeleid met een tekst van de kunstenaar die als volgt begint én eindigt: ‘Het Angelus van Millet. Mooi als de toevallige ontmoeting van een naaimachine en een paraplu op een ontleedtafel’. Deze laatste zin is een citaat uit Les chants de Maldoror dat voor de surrealisten, die in hun werk niet zelden speelden met toeval en contrasterende elementen, een inspiratiebron vormde. Met deze uitspraak verbindt Dalí het schilderij L’Angélus (1857-1859) van Jean-François Millet via zijn zelfontwikkelde ‘paranoïde-kritische methode’ met wat volgens hem de essentie is van Les chants de Maldoror.

De meeste etsen voor Les chants de Maldoror zijn gebaseerd op Millets schilderij en hebben betrekking op seksueel kannibalisme, erotiek en de dood. Op één gravure, nummer XVII, zijn de hoofdpersonen van L’Angélus duidelijk op de voorgrond aanwezig. Tussen hen in, op de achtergrond, zijn twee korenraapsters aan het werk.[3] Opnieuw citeert Dalí Millet, ditmaal zijn schilderij Les glaneuses (1857). In zijn catalogustekst refereert Dalí aan de arbeid van de vrouwen en maakt hij duidelijk dat het in deze context eveneens gaat om zijn fobieën.[4] Het werk van Jean-Louis-Ernest Meissonier, een tijdgenoot van Millet, maakt ook grote indruk op Dalí. Het doek Napoleon I and his staff (1868) is één van zijn favoriete schilderijen – naar eigen zeggen wilde Dalí als kind al Napoleon zijn.[5] De figuur van de keizer op gravure XVII van Les chants de Maldoror is van dit werk afgeleid.[6]

Les chants de Maldoror werd overigens niet alleen door Dalí geïllustreerd; de eerste geïllustreerde editie dateert uit 1927 en werd gemaakt door de Belgische kunstenaar Frans De Geetere.[7] Ook René Magritte maakte tekeningen voor een uitgave van het boek uit 1946. De bijzondere boekband van de editie in de collectie van het museum werd in 1952 ontworpen door Rose Adler. Het boek werd een belangrijke inspiratiebron voor surrealisten als André Breton en Max Ernst, met name door de zwarte humor en de manier waarop de Comte de Lautréamont bestaande conventies, normen en waarden en gezond verstand onderuit haalde.

 

Noten

[1] Peyser-Verhaar 2008. Dit mecenaat loopt van december 1932 tot ongeveer 1936.

[2] Idem, p. 38.

[3] Parijs 1979, p. 333.

[4] Idem, p. 332. Voor meer over Dalí’s fobiëen en de paranoïde-kritische methode, zie p. 79.

[5] Dalí 1952, p. 16.

[6] Ades 1995, p. 102.

[7] Deze bevindt zich in de collectie van de Koninklijke Bibliotheek, zie https://www.kb.nl/themas/collectie-koopman/les-chants-de-maldoror (geraadpleegd 26 november 2016).

Toon catalogustekst Verberg catalogustekst

Alles over de maker

Salvador Dalí

Figueras 1904 - Figueras 1989

Salvador Dalí leerde tijdens zijn studie in Madrid de schrijver André Breton kennen, de grondlegger van de surrealistische beweging. In 1924 schreef Breton...

Bekijk het volledige profiel