Previous Next Facebook Instagram Twitter Pinterest Back to top

Jeroen Eisinga

Delft 1966

Jeroen Eisinga studeerde na de kunstacademie aan de Rijksakademie in Amsterdam en volgde later een opleiding scenarioschrijven aan het American Film Institute Conservatory in Los Angeles. Zijn oeuvre bestaat uit meerdere korte films. Zijn eerste film, 40-44-PG (1993), was een registratie van een performance waarin hij geblinddoekt een Volkswagen Kever probeert te ontwijken die in tegengestelde richting rondjes rijdt. Naar eigen zeggen filmde hij de performance om te bewijzen dat deze had plaatsgevonden. Dit 'bewijsmateriaal' zette de toon voor zijn overige films: ze hebben het karakter van een performance met dikwijls een bevreemdend plot, waarin meestal een beproeving centraal staat. De films zijn opgenomen in één of enkele shots. Eenvoud is voor Eisinga een belangrijke stilistische voorwaarde. Dit geldt niet alleen voor de regie en het plot, waarbij meestal slechts één persoon een bepaalde handeling uitvoert, maar ook voor de setting. Open landschappen en ondefinieerbare locaties vormen steeds de achtergrond van zijn films, naar eigen zeggen om te vermijden dat de locatie een afleiding vormt van het verhaal – het moet zich in principe overal kunnen afspelen. Eisinga weet met zijn eenvoudige verhaallijnen en sterke beelden, zoals dat van een dode zebra op een zwart-wit geblokte vloer (Sehnsucht, 2004), op een onorthodoxe en niet-clichématige wijze grote thema's aan te snijden. De interpretatie van zijn films, waarin geen uitleg wordt gegeven en een ontknoping ontbreekt, laat de kunstenaar aan de toeschouwer over. In Arm schaap ligt een schaap op zijn rug in een weiland. Het kan zonder hulp niet overeind komen. De ingewanden van het dier drukken op zijn longen en ruggengraat, waardoor het na verloop van tijd zal stikken. We horen het schaap angstig hijgen en naar adem snakken terwijl op de achtergrond een trein voorbij raast. Als kijker wil je het beest het liefst overeind helpen, maar dat kan niet. Eisinga dwingt de toeschouwer in de rol van voyeur en confronteert hem met gevoelens van onmacht. Er kwamen veel boze en verontwaardigde reacties op dit werk. Eisinga zei daar zelf over: ‘Zodra mensen merken dat ze niet altijd invloed hebben op het leven, maar zich realiseren dat ze machteloos aan de kant staan, worden ze boos.’1 Hoewel Arm Schaap niet bedoeld was als een religieus werk, werd het tot ergernis van de kunstenaar wel vaak zo ontvangen. Voor sommige critici stond het schaap voor het Lam Gods. Eisinga reageerde hierop door een expliciet religieus werk te maken: Zoals het werd geopenbaard aan Jeroen Eisinga. In de film is een vrouw in Hollandse klederdracht te zien met een baby in haar armen. Ze geeft de baby de borst terwijl op de achtergrond sacrale muziek te horen is. De vrouw en de baby kijken glimlachend in de lens en stijgen vervolgens op. Met dit melodramatische werk plaatste de kunstenaar op ironische wijze een Bijbels thema in een oer-Hollandse setting. Eisinga speelt in verschillende van zijn films de hoofdrol, zoals in De idioot, waarin hij optreedt als koning voor een veld met maïs. We zien hem tevoorschijn komen uit een maïsveld, gekleed in een jas met op de achterzijde een grote applicatie van een kroon. Hij spreekt tot het gewas als een koning tot zijn volk. Hij vertelt zijn onderdanen dat hij heeft gefaald en dat hij boete moet doen. Blootsvoets zal hij een voettocht maken naar de horizon, waar hij van engelen te horen zal krijgen wat de bestemming van zijn reis is. Aan het einde van de film zien we hem vertrekken, bloederige voetsporen achterlatend. Hoe het deze koning zal vergaan blijft ongewis. Waar de dramatiek in De idioot een absurdistisch karakter heeft, is deze in Springtime, zijn meest recente werk, zeer serieus. Deze film is geïnspireerd op bee bearding, een beproeving waarbij imkers zoveel mogelijk van hun eigen bijen op hun lichaam laten zitten. Voor deze film besprenkelde Eisinga zijn ontblote bovenlichaam met een stofje dat geurt naar de bijenkoningin, waardoor bijen naar hem toe worden getrokken. We zien de kunstenaar in Springtime roerloos aan een tafel zitten, terwijl hij continue in de camera kijkt. De wand achter hem is bedolven onder de bijen en ook zijn lichaam verdwijnt stukje bij beetje onder de krioelende beesten. Het werk, waarin de kunstenaar zijn lot bijna twintig minuten zonder enige weerstand ondergaat, is een subliem portret van overgave en lijden. 1 De Lange 2012.

Lees verder Lees minder