Nieuwsbrief
Design en mode in het museum
Augustus 2012

Han Nefkens Fashion Award met Rejina Pyo

Speciaal voor deze tentoonstelling maakte Rejina Pyo een collectie van zeven stukken. De collectie sluit aan op haar afstudeerwerk waarmee de Koreaanse ontwerpster eind 2011 de Han Nefkens Fashion Award won. Vanaf eind september is haar werk in een kleine presentatie te zien in de Willem van der Vorm Galerij.

Rejina Pyo, Collection Central Saints Martins MA, London Fashion Week 2011
Rejina Pyo, Collection Central Saints Martins MA, London Fashion Week 2011

In december maakte een jury met daarin onder meer Viktor & Rolf bekend dat Rejina Pyo (1983) de winnares was van de Han Nefkens Fashion Award 2012. Aan deze prijs is een najaarstentoonstelling verbonden. De collectie die Pyo in het museum presenteert, zal opnieuw geïnspireerd zijn op haar langdurige onderzoek naar de mogelijkheden van het combineren van mode en kunst. Zo droegen de modellen bij haar afstudeercollectie op de catwalk een houten sculptuur die vanwege hun ruwe uitstraling een bijzonder contrast vormden met de elegante gewaden.

Rejina Pyo
Rejina Pyo is geboren in Zuid-Korea en heeft in 2011 een Master Fashion Womenswear aan het Central Saint Martins College of Art & Design afgerond. Na haar afstuderen werd zij direct aangenomen door Roksanda Ilincic om te werken als eerste assistent-ontwerper bij het gelijknamige label. Pyo werkte ook samen met het bij H&M behorende merk ‘Weekday’ waar zij een collectie ontwierp die in winkels door heel Europa werd verkocht.

H+F Collectie
De tentoonstelling ‘Structural Mode’ van Rejina Pyo wordt mogelijk gemaakt door H+F Collectie: een samenwerking tussen Museum Boijmans Van Beuningen en Han Nefkens. José Teunissen is als conservator aan deze tentoonstelling verbonden. Han Nefkens startte het programma met als doelstelling het stimuleren van vormgeving op het grensvlak van mode en kunst. De tweejaarlijkse Fashion Award is bestemd voor veelbelovend talent. Rejina Pyo is de derde ontwerper die de prijs wint, na Christophe Coppens in 2008 en Charles LeDray in 2010.

Terug