Schilderij Kokoschka ten behoeve van Watersnoodramp loterij voor het eerst te zien

Oskar Kokoschka, Private Porperty, 1939, olieverf op doek, 63 x 76 cm, particuliere collectie. © Fondation Oskar Kokoschka, Vevey / 2013, ProLitteris. Oskar Kokoschka, Private Porperty, 1939, olieverf op doek, 63 x 76 cm, particuliere collectie. © Fondation Oskar Kokoschka, Vevey / 2013, ProLitteris. Foto: Museum Boijmans Van Beuningen. Oskar Kokoschka, Private Porperty, 1939, olieverf op doek, 63 x 76 cm, particuliere collectie. © Fondation Oskar Kokoschka, Vevey / 2013, ProLitteris. Foto: Museum Boijmans Van Beuningen.

Persbericht

Schilderij Kokoschka ten behoeve van Watersnoodramp loterij voor het eerst te zien
13 september 2013

Museum Boijmans Van Beuningen heeft vanaf zaterdag 21 september een primeur.
De grote najaarstentoonstelling ‘Oskar Kokoschka - Mensen en beesten’ toont naast zo’n honderdvijftig schilderijen en tekeningen uit internationale topcollecties, een schilderij van Kokoschka dat nooit eerder aan het publiek getoond is. Het kunstwerk ‘Private Property’ (1939) is eigendom van een Nederlandse particulier, die het schilderij in 1953 in bezit kreeg bij een loterij om geld in te zamelen voor de slachtoffers van de Watersnoodramp.

In 1953 organiseerde Stichting Nationaal Rampenfonds een loterij voor de slachtoffers van de Watersnoodramp. De maatschappelijk betrokken Kokoschka stelde het schilderij ‘Private Property’ beschikbaar, waarop een dame met een kattenkop als gezicht te zien is, geïnspireerd op een ansichtkaart die de schilder ontving van een vriendin. De winnaar van het loterijlot heeft het schilderij sindsdien in de slaapkamer hangen. Het schilderij is in perfecte staat, inclusief de sticker van de loterij op de achterzijde. Het bestaan van het werk was tot nu toe slechts bij een handvol Kokoschka experts ter wereld bekend.

Kunstenaars helpen
Naast Kokoschka doneerden meer kunstenaars werken voor de loterij, zoals Jan Sluijters een bloemstilleven uit 1911. Voordat de kunstwerken verloot werden, waren ze te zien in een reizende expositie onder de titel ‘Kunstenaars helpen’. De afsluitende tentoonstelling vond plaats in het Rijksmuseum in Amsterdam en werd geopend door Prins Bernhard (voorzitter van het Nationaal Rampenfonds).

Politieke allegorie
Kokoschka schilderde ‘Private Property’ in 1939 in Engeland, waar hij een jaar eerder met zijn vriendin Olda vanuit Praag naar toe was gevlucht vanwege de nazi’s. Het schilderij is het eerste in een reeks politieke allegorieën. Op het schilderij is een vrouw met een “kattenkop” te zien voor de baai van het Engelse kustplaatsje Polperro. Voor haar ligt een paar vissen als buit, die door een groepje ratten aan de linkerkant van het schilderij in de gaten wordt gehouden. Kokoschka beschreef het schilderij als volgt: “(...) een kat, die dode vissen bewaakt, op de achtergrond een gepensioneerde dame met paraplu en handtasje, die haar dagelijkse wandeling langs het strand maakt om het eten te laten zakken. Ik verbaasde mij erover hoe flegmatisch de Engelsen waren, dat ze de oorlogsdreiging niet waarnamen, terwijl op het continent mensen zich als schapen in paniek van de Führer in het afgrond lieten drijven.” De titel van het schilderij, ‘Private Property’, slaat aan de ene kant op het belang van privébezit en daarmee hebzucht, aan de andere kant ook op de eigen weg die Engeland op dat historische moment koos, door in 1938 met Hitler een verdrag af te sluiten dat hem een deel van Tsjecho-Slowakije gaf (het Sudetenland) in ruil voor vrede.

Tentoonstelling
Aan de hand van acht thema's schetst de tentoonstelling ‘Oskar Kokoschka - Mensen en beesten’ een persoonlijk perspectief van de meesterschilder op de periode rondom de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Van Kokoschka’s vroegste portretten van de Weense elite, dieren en kinderen via de politieke werken, tot zijn allerlaatste zelfportret uit 1971/1972.

Sponsoren
De tentoonstelling 'Oskar Kokoschka - Mensen en beesten' wordt mogelijk gemaakt door de genereuze steun van de Ondernemerskring Bijzondere Begunstigers, de BankGiro Loterij, Prins Bernhard Cultuurfonds, SNS Reaal Fonds, Ploum Lodder Princen, Zabawas,
AON Artscope, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed namens het ministerie van OCW, vanwege toekenning indemniteitsgarantie, K.F. Hein Fonds en Farrow & Ball.

Terug