Door bijzondere ruil komt topwerk van Bruegel naar Nederland

Pieter Bruegel, De Vogelnestrover, 1568. Paneel, 59,3 x 68,3 cm. Collectie Kunsthistorisches Museum, Wenen.

 Persbericht

Door bijzondere ruil komt topwerk van Bruegel naar Nederland
20 mei 2015

Het paneel ‘De boer en de nestrover’ (1568) van Pieter Bruegel de Oude is vanaf oktober te zien in Rotterdam. Het Weense Kunsthistorisches Museum leent dit eeuwenoude kunstwerk nooit uit, maar vanwege een bijzondere ruil maakt het een eenmalige uitzondering. In de najaarstentoonstelling ‘De ontdekking van het dagelijks leven – van Bosch tot Bruegel’ schittert dit schilderij naast vele andere eeuwenoude topstukken.

Het kwetsbare paneel van Bruegel reist dit najaar samen met ‘Het boerenfeest’ (1550) van Pieter Aertsen en ‘De geslachte os’ (1566) van Marten van Cleve naar Museum Boijmans Van Beuningen. In 2018 reist ‘onze’ Bruegel, het topstuk ‘De toren van Babel’ samen met twee zeldzame tekeningen van zijn hand, naar Wenen voor een grote overzichtstentoonstelling. Deze uitwisseling waar beide musea al jaren aan werken maakt de bijzondere tentoonstelling mogelijk van Boijmans waarin de pioniers van de genrekunst centraal staan. Voor 1500 stond de schilderkunst in dienst van de kerk, als uitzondering werden alleen portretten gemaakt van hoogwaardigheidsbekleders. In de zestiende eeuw wordt letterlijk het dagelijks leven ontdekt.
Aertsen schildert als één van de eerste boeren, Van Cleve schildert een slachthuis en Bruegel begint met het schilderen van het ‘gewone’ Vlaamse landschap. Ze zetten daarmee een traditie in die tot vandaag de dag doorgaat. Van Cleves Os is de voorganger van vergelijkbare schilderijen van Rembrandt. “Esthetisch gezien behoren Bruegels schilderijen tot de allerhoogste categorie in de Westerse kunstgeschiedenis en het is daarom geweldig dat we ze in Rotterdam aan het publiek kunnen tonen”, aldus conservatoren Friso Lammertse en Peter van der Coelen.

Humor
Pieter Bruegel maakte ‘De boer en de nestrover’ aan het eind van zijn leven. Het werk van bijna 60 bij 70 centimeter is misschien wel de meest monumentale compositie die hij heeft gemaakt. Een boer loopt de toeschouwer lachend tegemoet, al wijzend op de onvoorzichtige nestrover die uit de boom dreigt te vallen. Door dit leedvermaak merkt hij niet dat hij zelf op het punt staat om in een sloot te stappen. Deze grap werd al door Bruegels tijdgenoten met veel plezier bekeken. ‘Die het weet, weet het. En die het heeft, heeft het’ is het 16de-eeuwse spreekwoord dat Bruegel op dit paneel uitbeeldt.

Van hoeren en boeren tot bedelaars en kwakzalvers
De tentoonstelling ‘De ontdekking van het dagelijks leven – van Bosch tot Bruegel’, te zien van 10 oktober 2015 t/m 17 januari 2016, richt zich op de wereld van bordelen, schranspartijen, bedelaars en kwakzalvers. Museum Boijmans Van Beuningen toont een selectie van ‘politiek incorrecte’ schilder- en prentkunst van het hoogste niveau uit de zestiende eeuw. Circa veertig schilderijen en eenzelfde aantal prenten uit de meest belangwekkende museale en particuliere collecties vanuit de hele wereld komen naar Rotterdam. Naast werk van de pioniers van de genreschilderkunst Jheronimus Bosch, Lucas van Leyden en Quinten Massys, toont het museum onder meer schilderijen van Jan Sanders van Hemessen, Marinus van Reymerswaele, Jan Provoost, Pieter Aertsen en Joachim Beuckelaer. Een aantal werken van Pieter Bruegel de Oude met boeren, feestvierders en muzikanten vormt de afsluiting van de tentoonstelling en ook van deze periode van pioniers.