Begin mei lanceerden we de online collectie website.

Het was het resultaat van een traject dat meer dan een jaar eerder, in december 2008 begon. Tijdens dat traject zijn veel beslissingen genomen die tot dit eindresultaat geleid hebben. In een serie blogposts zullen we deze beslissingen beschrijven.
Waar komt de online collectie vandaan?
In 2008 is door Fabrique en Digifuga, in samenwerking met Museum Boijmans Van Beuningen het ‘@Boijmans’ plan geschreven. In dit plan werd de strategie voor de nieuwe internetactiviteiten van het museum vastgesteld.
Een van de voornaamste ideeën die hierin naar voren kwam, was dat het museum in deze tijd niet meer alleen meer een fysiek museum kan zijn, met alleen een fysiek bezoek. Maar dat er ook een groot potentieel aan geïnteresseerden is, dat online kan worden bereikt. Mensen die eventueel wel het museum zouden bezoeken en mensen die dat niet kunnen omdat ze bijvoorbeeld ver weg wonen. Het museum kan zo ook online haar doelstellingen verwezenlijken.
In het plan werd - naast de bestaande museumsite, met tentoonstellings- en bezoekinformatie - een netwerk aan websites voorgesteld dat zich richt op verschillende doelen, doelgroepen, deelcollecties en/of tentoonstellingen, onder andere een online collectie, een videoplatform en een site voor onderzoekers.
Met subsidie van het VSB Fonds konden we eind 2008 beginnen met de bouw van ArtTube en de Online Collectie: de twee eerste satelietsites die aan de bestaande website van het museum gekoppeld zouden kunnen worden.
Hoe is de selectie tot stand gekomen?
Een van de meest gehoorde vragen is: ‘Waarom staat niet de hele collectie online?’. Geen vreemde vraag, aangezien het museum meer dan 140.000 objecten beheert, waarvan er nu ‘maar’ 625 online te zien zijn.
Het korte antwoord is: omdat het museum online kwalitatief dezelfde ervaring wil bieden als in het museum.
Dit betekent dat we alleen objecten wilden tonen met een afbeelding, Zoals je in het museum niet alleen tekstbordjes ophangt met de titels van kunstwerken, zo wilden wij online geen ‘droge’ records online zetten. Het publiek komt naar het museum om de kunst te zien in een context, voorzien van informatie, zo ook online.
Daarnaast wilden we dat alle data over de objecten (titels, makers, jaartallen, afmetingen, etcetera) correct zou zijn, wat betekent dat er veel aangevuld en gecontroleerd moest worden in de database van het museum.
Na een inventarisatie van beschikbaar kwalitatief hoogwaardig beeldmateriaal, bleek 600 een mooi streven voor de eerste vulling van de online collectie.
De keuze voor 600 is dus zowel inhoudelijk als praktisch ingegeven.
200/200/100/100/25
De website toont ongeveer 200 werken uit de moderne kunst collectie, 200 uit de collectie oude kunst, 100 prenten & tekeningen, 100 kunstnijverheid en design objecten en 25 werken uit de stadscollectie.
De hoeveelheden zijn gebaseerd op de ‘zwaarte’ van de verschillende deelcollecties.
Voor de verdere selectie zijn we begonnen met een standaardlijst met topstukken: kunstwerken die vaak in onderwijsprogramma’s gebruikt worden of in communicatie uitingen.
Aan die lijst werden al snel kunstwerken toegevoegd die besproken werden in onze ArtTube video’s, onderdeel waren van onze multimediatour, en/of voor het online project Wiki Loves Art al gefotografeerd waren.
Daarna is aan de conservatoren gevraagd om een lijst samen te stellen die een goede doorsnede is van hun collectiegebied. Bij de uiteindelijke selectie is rekening gehouden met het beschikbare beeldmateriaal, en van welke kunstwerken er al beschrijvende teksten aanwezig waren.
Waarom niet toch alles?
Er zijn zeker musea die hun gehele collectie online hebben staan. De meest bekende instituten die hun digitale kaartenbak hebben ‘omgegooid’ en ongecontroleerd online gezet zijn het Powerhouse en Brooklyn Museum. Dit betekent dat de informatie die online staat incompleet en onjuist kan zijn. Het Brooklyn Museum had aanvankelijk besloten alleen gecontroleerde gegevens te tonen, maar zette - na maanden van weinig groei - in maart 2010 toch de hele collectie online. En ook de Powerhouse Museum wacht gerust af tot haar publiek eventuele fouten in de gegevens aangeeft.
Het op deze manier online zetten van al je gegevens heeft zeker voordelen.
Onderzoekers en andere museummedewerkers kunnen zo zien wat zich in je collectie bevindt en het biedt ook transparantie naar een breder publiek. Daarnaast motiveert het het museum zelf om op een hoger tempo alle gegevens te controleren.
Een bijkomend voordeel is dat het online publiek kan helpen bij het controleren van gegevens. Het Brooklyn Museum kreeg bijvoorbeeld snel na de lancering van hun online collectie te horen dat een afbeelding van een kunstwerk ondersteboven stond, en leerde van een bezoeker meer over een van de kunstenaars in hun collectie, en ook het Powerhouse Museum wordt veel van advies voorzien.
Maar aangezien de online collectie van Museum Boijmans Van Beuningen voortkwam uit een educatief doel, met een museumpubliek in gedachten, is er hier toch gekozen voor gecontroleerde gegevens mét een afbeelding van een object.
Uitbreidingsplannen
Maar het zal zeker niet bij de 600 objecten blijven… De online collectie wordt continue aangevuld zodra meer gecontroleerde en gefotografeerde objecten beschikbaar komen.
Zo wordt de website aangevuld bij nieuwe aanwinsten, digitaliseringsprojecten en nieuwe websites, en zal er begin volgend jaar, bij de lancering van de ALMA website 4000 extra objecten te vinden zijn.
Onze volgende blogpost zal gaan over de keuzes voor objectdata en zoekvelden. Wil je graag iets anders weten over de online collectie? Mail dan web@boijmans.nl met je vraag.